Het is weer bijna carnaval. Eigenlijk heb ik altijd al een schijthekel gehad aan het fenomeen “carnaval”. Ik weet ieder jaar weer opnieuw de steden en dorpen onder de grote rivieren vakkundig te mijden. Iets wat de afgelopen drie jaar wat werd bemoeilijkt, omdat ik nu eenmaal in het zuiden woonde. Gelukkig gaat het nu weer makkelijker, aangezien ik nu weer boven de rivieren woon. Zoals het hoort (in mijn geval). Dit jaar vlucht ik ultiem: tijdens carnaval zit ik ook in het zuiden, maar dan in het zuiden van Afrika. Ver weg van het bier zuipende, lallende, kotsende, polonaise lopende geweld in het zuiden van Nederland.
Ik denk dat ik het fenomeen “carnaval” niet begrijp. De in de zin hierboven beschreven taferelen wisselen elkaar in hoog tempo af. En dat dan vier, of voor sommige mensen meerdere, dagen lang. Ik vind het gewoon raar. Verkleden houd ik ook allerminst van. Ik doe het alleen als ik er echt, echt niet onderuit kom. Maar als het even kan, probeer ik dat tot op het allerlaatst. En begrijp mij niet verkeerd, ik hou van een drankje, maar wat is het plezier van je helemaal laveloos zuipen vanaf 11:00 uur ‘s ochtends en dat de volgende dag weer herhalen? En de dag daarop, en de dag daarop, en daarop. Het lijkt er op dat mensen van onder de rivieren het hele jaar geen druppel alcohol (mogen) aanraken en dat dan vervolgens met carnaval dubbel en dwars proberen in te halen. Maar, zoals ik zei, ik heb in het zuiden gewoond en ik kan je vertellen: ook buiten carnaval om weet een Brabander of Limburger wat drinken is.
Er is een tijd geweest dat ik wel iets aan carnaval deed, maar toen was ik nog zo jong dat ik niet eens wíst wat bier was. Kijken bij de carnavalsoptochten met mijn oma. Dat was mooi. Maar ook dat is geweest.
Men zegt ieder jaar weer opnieuw tegen mij: “Je moet het een keer proberen. Als je eenmaal meedoet, vind je het vanzelf leuk.” Ik kan mij daar niets bij voorstellen. Het lijkt me eerder eng en/of irriterend. Disproportioneel dronken worden is verplicht. Vervolgens word je alle kanten opgesleept voor die zogenaamde “polonaise”. En rustig een slokje van je drankje nemen is er ook niet bij, want daar zit dan natuurlijk weer confetti in. En ja, ik heb een vertekend beeld. Maar als u het niet erg vindt, houd ik dat graag zo (daarnaast ben ik één keer op een carnavalsfeest geweest, maar dat beviel mij dermate slecht dat ik dat ook nooit meer doe). Geen carnaval voor mij dus. Dan liever een feest als Rauw of een ander zuidelijk festival, Pinkpop.
Ok, laat er dan één ding leuk zijn aan carnaval. De popliedjes in een ‘carnavalssausje’. Iemand die dat deed was 3FM-dj Paul Rabbering. Voor zijn programma RabRadio voorzag hij bekende popliedjes van dat carnavalssausje. Enfin, je moet het zelf maar eens horen. Van “Human” van The Killers maakte hij het volgende.
Dat vind ik dan wel weer grappig. En hierrr is meer te vinden.
Bron foto: GeenStijl




Mark toch. Carnaval is kei-leuk. Maar Zuid-Afrika topt alles.
Gruwelijk eens!
ja maar dat carnavalspak op die foto is toch wel fantastisch. hehe.
Die is echt lomp ja. De instapnegert. Eigenlijk een WK gadget.